Een paar maanden eerder was ze al eens afgereisd om te prospecteren en wegwijs te raken in het Qataarse leven. Haar zoektocht blijkt snel een huzarenstukje te zullen worden: het is niet eenvoudig binnen te dringen in het gesloten leventje van de Qataarse vrouw. Maar dankzij een aanhoudende vastberadenheid en een grenzeloos engelengeduld slaagt de cineaste in haar opzet.
Ze maakt beelden die slechts weinigen voor haar gemaakt kunnen hebben: ongesluierde haremvrouwen.
Na enkele maanden beschikt ze over voldoende beeldmateriaal voor een film over het Midden-Oosten zoals er nog nooit één gemaakt is.
Niets is echter zoals ze verwacht had: de Qatarese vrouw blijkt over een grotere vrijheid te beschikken dan men voor mogelijk had gehouden. De cineaste gaat zich vragen stellen over wat ‘vrij zijn’ precies betekent en weegt haar leven als westerse vrouw in een westerse maatschappij af tegen het leven van een vrouw in Qatar. Nieuwe inzichten zien het licht: mag een westerse vrouw wel een oordeel vellen over een cultuur die haar in wezen vreemd is? Een cultuur waarin zij met haar camera wil doordringen als was zij een voyeur, een spion, een Big Brother, uit op sensatie…
Wat de film zo origineel maakt is dat geleidelijk aan haar onderwerp verschuift, verandert. Het verhaal van de cineaste wordt even belangrijker als dat van de Qatarese vrouw waar zij naar op zoek is. Twee vragen, twee thema’s grijpen in elkaar en leiden naar een onverbiddelijke climax.