Kronos, een van 's werelds grootste producenten van witmaker titaandioxide, is een multinational die claimt een circulaire economie te promoten, zegt hoge standaarden op sociaal en milieugebied erop na te houden en te ijveren voor verantwoordelijke delving van de gebruikte grondstoffen. In de praktijk weet de directeur in het Gentse havengebied niet waar de in zijn fabriek gebruikte ertsen precies vandaan komen en onder welke omstandigheden ze gewonnen worden. Voorlopig draait die fabriek op een bijproduct van olie, produceert het een substantie die ervan verdacht wordt kankerverwekkend en ecotoxisch te zijn en baart haar uitstoot omwonenden grote zorgen.
Het even verderop gelegen Eastman is Amerikaanse multinational die pocht de wereld de weg te wijzen naar een circulaire economie rijk aan innovatieve materialen en zonder plastic afval. Maar de ngo ChemSec die bedrijven beoordeelt op hoe ze de transitie naar veiligere, meer duurzame chemicaliën managen, geeft Eastman slecht 19 punten op 100. Een van de kritiekpunten: het bedrijf produceert ook in België vijftien chemicaliën die op de SIN-lijst staan van gevaarlijke stoffen die zo snel mogelijk vervangen zouden moeten worden.
Daaronder thiram, een bestrijdingsmiddel dat sinds 2019 verboden is in de EU en dat dus naar oorden waar het wel op de markt mag komen moet gaan. In 2024 heeft Eastman 3.465.452 kilo thiram geëxporteerd, vooral naar India en de Filipijnen. Wat hier gebeurt, is geen vergroening van de chemie, maar het verplaatsen van risico’s: stoffen die in Europa te gevaarlijk worden geacht, verdwijnen niet uit de wereld, maar uit het zicht.